LIJST VAN PREDIKANTEN

Naam
Van waar gekomen
Datum intrede
Waarheen vertrokken
Tijd van vertrek
Tekst bij intrede
Tekst bij afscheid
Godefrides Sopingius Schraard 1602 Bolsward 1603
Adolfhus Sopingius   5 okt. 1612 Arnhem 11 okt. 1620    

Blz. 309. Te Longerhouw en Schettens is in 1602 en 1603 de dienst waargenomen door Glodefridus Sopingius, pred. te Schraard (Romein 312.)  (bron: aanv. op Romeins naamlijst, van SD Veen, 1892)

In 'naamlijst der predikanten' van Ds. T.A. Romein, uitgegeven door het Friesch Genootschap in 1886, staat het volgende.

Schraard 1597 ?:
Godefridus Sopingius, Nic.zoon, Adolf en Christ. broeder, is voor 1600 beroepen van Tjerkwerd en Greonterp, toen gecombineerd, bediende Longerhouw en Schettens tevens in 1602 en 1603, is verroepen naar Bolsward en gedimmiteerd den 20 Junij 1603.

 

In 'Tussen Gideonsbende en publieke kerk' , door W. Bergsma, staat het volgende:

Schraard:
Godefridus Sopingius (1573-1615), geboren in het Oostfriese Weener, volgde Latijnse school in Utrecht, studeerde sedert 1589 in Franeker. Twee broers eveneens predikant. Huwde predikantsdochter. Stond in Tjerkwerd (1596), Schettens c.a. (1597-1603) en te Bolsward (1604-1615). Ds. Sopingius was een belangrijk  man in de classis Bolsward; in 1611 werd hij als kandidaat namens de classis genoemd voor de nationale synode. Zijn broer Christiaan werd te Warmond als remonstrants predikant afgezet. De vader, Nicolaus Sopingius (ca. 1545-1592) was eveneens predikant te Weener en Greetsiel, Leeuwarden, Leeuwarden 1578, Utrecht 1579-1580, alwaar door magistraat afgezet, en Breda, 1590 (488)

(488) - alwaar abusievelijk wordt vermeld dat Sopingius jr. hoogleraar was.

 

In 'naamlijst der predikanten' van Ds. T.A. Romein, uitgegeven door het Friesch Genootschap in 1886, staat het volgende.

Schettens 1612:
Adolphus Sopingius, Nic.zoon te Leeuwarden, Godefr. broeder te Schraard en Christ. broeder te Warmond afgezet in 1619, is beroepen en geapprobeerd den 5 October; verroepen naar Arnhem, werd hij gedimitteerd den 11 October 1620.

 

Grafsteen Martinikerk te Bolsward

Anno 1615 Den 20 M... /
Is gesturven de ..... ......../
en welgeleerden ............/
Sopingius Gestorwe Dienaer des /
Gotlicken Woordts ........... ero /
sterven is mijn Gewin /

Een schild aan een tak. Een drie regelig opschrift uitgesleten.
Ds. G. Sopingius, als cand. te Tjerkwerd ca 1595, pred. te Schraard 1600, te Bolsward 1603.

http://home.wanadoo.nl/mpaginae/PontanusSiccama/Siccama_correspondentie.htm


◊ In 1595 is hij derhalve door de kerkenraad geŽxamineerd, en door de kerk van Tjerkwerd beroepen heeft hij daar zijn proeftijd in het allerheiligste ambt afgelegd. In 1596, op 17 september, de dag na zijn verjaardag, toen hij zijn vierentwintigste jaar inging, trouwde hij met dochter Rixt van de predikant Henricus Bernardi, die hij bijzonder lief heeft gehad en met zeer innige dierbaarheid heeft bejegend, bij wie hij twee kinderen heeft gekregen en tegelijk verloren omdat geen van hen lang heeft geleefd. In 1597 is hij met instemming van de Bolswarder classis overgeplaatst naar het rectoraat van de drie kerken van Schettens, Longerhouw en Schraard, alwaar hij verkeerd heeft met zo'n grote s in het onderrichten en zo'n grote rechtschapenheid van leven, dat er niet alleen door verschillende beroepingen aan hem werd getrokken, maar hij uit ongelofelijke bescheidenheid en een minderwaardigheidsgevoel ze allemaal heeft afgewezen, en hij liever zijn kerk, waarvan hij het bestuur op zich had genomen, wilde beschermen en tegelijk zijn faam als bescheiden man, dan vette beroepingen na te jagen, zoals de meesten tegenwoordig doen.
◊ Eerst in 1602, toen de kerk van Bolsward door onderlinge meningsverschillen verdeeld werd, en het zaad van tweedracht en de onbeschaamde ijver van partijen niet geduld konden worden, tenzij beide kerkdienaren ontslagen werden, is alleen deze, de onze naar het oordeel van magistraat en vroedschap en als het ware met algemene stemmen van de burgers waardig geacht, de kerkvrede en eendracht onder de burgers te herstellen. Al vijf jaar eerder was dezelfde beroeping uitgegaan, maar had hij zich verontschuldigd, als ware hij ongeschikt voor een dergelijke opdracht, al te zeer zijn deugden en talenten verbergend en ontkennend, die anderen uit ambitie opdringen. Nu echter heeft hij op aandringen van grote mannen en ofschoon hij verwachtte te zullen moeten aarzelen uit de zaak van de kerk, toch het aanbod aanvaard eind herfst 1604 en zijn huisgezin naar ons overbrengend begon hij langzamerhand de vrede Gods onder een gelukkig voorteken in onze kerk te brengen, de slecht samengaande geesten te verzoenen, de aanleiding van de haat te verzachten, waarbij hij een bewonderenswaardig gelijkblijvend geduld en boven verwachting van alle weldenkenden een bescheidenheid aan de dag heeft gelegd evenzeer als hij dienst heeft gedaan gedurende de 13 jaar dat hij bij ons heeft geleefd. Behalve de vroomheid en welsprekende geleerdheid die vereist zijn bij kerkdienaren, streden bij hem de voorzichtigheid en bescheidenheid, allerzeldzaamste deugden van onze eeuw, dankzij welke hij niet alleen vreedzaam en omzichtig aan het hoofd stond van onze kerk, maar ook beroemd in de Nederlandse provinciŽn is gebruikt voor de zwaarste kerktaken.